Meer
Publicatiedatum: 27-07-2020

Inhoud

Programma 12. Financiën en algemene dekkingsmiddelen

Programmavisie

We zijn een financieel stabiele en gezonde gemeente. We hebben inzichtelijk welke lokale lasten er zijn en streven er naar deze zo laag mogelijk te houden.

Voordelen uit de grondexploitaties (op bedrijven en woningbouw die uit programma 11 kunnen ontstaan) zijn op voorhand niet in de begroting opgenomen.

Trends en ontwikkelingen

Eneco
Eneco Groep N.V. is in 2019 niet verkocht. Wel hebben we in april 2019 na afstemming met de gemeenteraad ons principestandpunt gewijzigd van behouden in vervreemden. De voorbereidingen van een gecontroleerde veilingverkoop hebben we actief gevolgd. De nieuwsbrieven van de Aandeelhouderscommissie (AHC) zijn daarbij steeds ter informatie aan de gemeenteraad doorgezet. In december 2019 hebben wij het eindbod van de enige overgebleven en door de AHC geselecteerde aanbieder ontvangen en naar de gemeenteraad verzonden. Het definitieve eindbesluit tot verkoop van al onze aandelen Eneco is op 18 februari 2020 door ons college genomen nadat de gemeenteraad in de gelegenheid was gesteld hiervoor wensen en bedenkingen te geven. De verkoopopbrengst inclusief het laatste dividend worden in de eerste helft van 2020 ontvangen en dus ook in dat jaar verantwoord.
Als verkopende aandeelhouder houden wij wel het individuele risico (naar pro rata deel van het eigen aandelenbelang) op een negatieve uitspraak van de rechter inzake de zogenaamde REMU-procedure. Op basis van een juridische analyse wordt de kans op een negatieve uitspraak in hoger beroep echter klein geacht.

Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds
In 2019 is het grootste deel van de (integratie)uitkeringen sociaal domein overgebracht naar de algemene uitkering. Doordat het label er vanaf is gehaald, hebben we het apart volgen van de mutaties binnen het sociaal domein niet meer uitgevoerd.

OZB niet-woningen
Per 1 januari 2019 kent artikel 220f Gemeentewet een nieuw lid dat betrekking heeft op de mogelijkheid om het lagere woning-tarief toe te passen voor de niet-woningen. Deze wetswijziging vloeit voort uit het zogenaamde ‘amendement Omtzigt’. Gemeenten hebben hiermee de mogelijkheid gekregen om voor sportaccommodaties, dorpshuizen en andere 'instellingen van sociaal belang' het woningtarief voor de OZB te rekenen in plaats van het vaak hogere tarief voor niet-woningen (artikel 220f Gemeentewet).

Belastingen overig
De vereenvoudiging van de precariobelasting is beschreven en opgenomen in de vastgestelde Belastingnota 2020.

Wat hebben we bereikt?

OZB niet-woningen
In de Belastingnota 2020 is het resultaat opgenomen van het onderzoek naar de mogelijkheden om het OZB-woningtarief toe te passen voor verenigingen.

Belastingen overig
De precariobelasting is vereenvoudigd. Dit houdt in dat:
• Voor handelswaar uitgestald binnen 1 meter vanaf de gevel van het winkel- of bedrijfspand geen precariobelasting wordt geheven.
• De tarieven voor het langer dan 3 dagen op de openbare ruimte laten staan van voertuigen (hoofdstuk 2 van de tarieventabel precariobelasting) worden afgeschaft.
• De tarieven voor installaties voor het al dan niet automatisch aftappen van motorbrandstof, olie, lucht of water voor benzinepompinstallaties (hoofdstuk 4 van de tarieventabel precariobelasting) worden afgeschaft.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds
Als Ridderkerk hebben we een brief aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geschreven over onze wens tot onderzoek naar een stabieler gemeentefonds (tevens steun motie Culemborg). Als college hebben we aangegeven dat de sinds 2018 afgesproken bredere basis van de ‘trap op, trap af-systematiek’ tot op heden niet gezorgd heeft voor een stabieler fonds. Een tendens die zorgelijk is en waarvan de financiële effecten nadrukkelijk voelbaar zijn. Het is feitelijk ook niet uit te leggen dat doordat de rijksoverheid (door omstandigheden) minder investeert dit als gevolg van de normeringsmethodiek moet leiden tot extra financiële ingrepen bij ons. De incidentele tegemoetkoming aan gemeenten als gevolg van tekorten op het sociaal domein worden tenietgedaan door de neerwaartse bijstelling van het accres. Investeren in belangrijke maatschappelijke opgaven zoals zorg en klimaat wordt dan welhaast onmogelijk. Tot op heden hebben wij nog geen antwoord of oplossing vanuit het Rijk ontvangen.

Wij hebben we de herijkingsonderzoeken van het gemeentefonds nauwlettend gevolgd. Doel van het Rijk is om de verdeling rechtvaardiger te maken (kosten-georiënteerd), eenvoudiger en beter uitlegbaar. De VNG heeft het gehele proces bewaakt. Inmiddels is de herijkingsoperatie uitgesteld naar 2022. Vanuit zorgvuldigheid en het creëren van (meer) draagvlak onder gemeenten wordt in opdracht van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het komende half jaar nader onderzoek verricht.

De in 2019 uitgebrachte gemeentefondscirculaires (mei, september en december) hebben wij steeds voorzien van een raadsinformatiebrief. De gevolgen uit de circulaire van september hebben wij dit jaar voor het eerst al structureel verwerkt in de 2e tussenrapportage 2019. Daarmee schetsten wij bij de begrotingsbehandeling 2020 een zo volledig mogelijk integraal beeld van de financiële positie.

OZB woningen
Er zijn incidenteel extra middelen beschikbaar gesteld om de transitie van het taxeren op basis van inhoud naar het taxeren op basis van de oppervlakte succesvol te kunnen laten verlopen. Deze middelen zijn nodig om het systeem opnieuw in te richten en om externe ondersteuning in te zetten.

OZB niet-woningen
Er is met andere gemeenten en de VNG contact gezocht en onderzocht wat de mogelijke gevolgen zijn van de nieuwe wet als gevolg van het ‘amendement Omtzigt’. Het standpunt van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) wordt landelijk breed gedeeld. Volgens de VNG is een wetswijziging noodzakelijk om toepassing van deze nieuwe wet mogelijk te maken. In de Belastingnota 2020 is daarom voorgesteld om het huidige beleid ongewijzigd te laten en nieuwe ontwikkelingen af te wachten.

Belastingen overig
Bij de vaststelling van de Verordening precariobelasting 2020 zijn bepalingen opgenomen die de vereenvoudiging van de precariobelasting met zich meebrengt.

Wat heeft het gekost?

Programma Omschrijving taakvelden Begroting 2019 Begroting na wijziging Rekening 2019 Verschil
12 Financiering en algemene dekkingsmiddelen (- = lasten / + = baten)
Taakveldverdeling
Lasten -853.000 -1.034.700 -931.900 102.800
0.5 Treasury -138.500 -238.500 -249.700 -11.200
0.61 OZB woningen -416.200 -475.100 -411.600 63.500
0.62 OZB niet-woningen -198.100 -215.700 -203.300 12.400
0.64 Belastingen overig -88.500 -93.500 -65.700 27.800
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) -11.700 -11.900 -1.600 10.300
Baten 83.900 83.900 88.600 4.700
0.64 Belastingen overig 80.100 80.100 87.300 7.200
0.8 Overige baten en lasten 3.800 3.800 1.300 -2.500
Saldo - Lasten en baten -769.100 -950.800 -843.300 107.500
Reservemutaties
Onttrekkingen 0.10 Mutaties reserves 939.700 1.456.100 1.345.300 -110.800
Saldo - Reserves 939.700 1.456.100 1.345.300 -110.800
Gerealiseerd resultaat Fin. en alg. dekkingsmiddelen 170.600 505.300 502.000 -3.300
Omschrijving Bedrag afwijking
0.5 Treasury  
Lasten -11.200
Baten 0
Nadelig saldo € 11.200  

Kleine verschillen onder de rapportagegrens van € 25.000 - Nadeel € 11.200

Omschrijving Bedrag afwijking
0.61 OZB woningen  
Lasten 63.500
Baten 0
Voordelig saldo € 63.500  

Doorberekening BAR-bijdrage naar programma’s en taakvelden - Voordeel € 85.600

Kleine verschillen onder de rapportagegrens van € 25.000 - Nadeel € 22.100

Omschrijving Bedrag afwijking
0.62 OZB niet-woningen  
Lasten 12.400
Baten 0
Voordelig saldo € 12.400  

Kleine verschillen onder de rapportagegrens van € 25.000 - Voordeel € 12.400

Omschrijving Bedrag afwijking
0.64 Belastingen overig  
Lasten 27.800
Baten 7.200
Voordelig saldo € 35.000  

Lasten heffing en invordering gemeentelijke belastingen - Voordeel € 35.000
Er zijn meer opbrengsten uit invorderingsmaatregelen gerealiseerd dan aanvankelijk begroot. De oorzaak hiervan is gelegen in het feit dat meer belastingplichtigen buiten de gestelde betaaltermijnen betaalden en hierdoor meer aanmaningskosten in rekening zijn gebracht. Daarnaast blijken de gerealiseerde kosten lager te zijn uitgevallen dan aanvankelijk geraamd, als gevolg van een toename van het gebruik van digitale belastingaanslagen via MijnOverheid (minder drukwerkkosten).

Omschrijving Bedrag afwijking
0.8 Overige baten en lasten  
Lasten 0
Baten -2.500
Nadelig saldo € 2.500  

Kleine verschillen onder de rapportagegrens van € 25.000 - Nadeel € 2.500

Omschrijving Bedrag afwijking
0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb)  
Lasten 10.300
Baten 0
Voordelig saldo € 10.300  

Kleine verschillen onder de rapportagegrens van € 25.000 - Voordeel € 10.300

Omschrijving Bedrag afwijking
0.10 Mutaties reserves  
Lasten 0
Baten -110.800
Nadelig saldo € 110.800  

Het nadeel is ontstaan door lagere dekking uit de reserve Vennootschapsbelasting na herrekening van de vennootschapsbelasting 2019.

Prestatie-indicatoren

Nr. Omschrijving Toelichting/Eenheid 2019
69 Gemeentelijke woonlasten Het gemiddelde totaalbedrag in 685
meerpersoonshuishoudens. euro's dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten.
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
70 Gemeentelijke woonlasten Het gemiddelde totaalbedrag in 612
éénpersoonshuishoudens. euro's dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten.
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
71 Waardering “voldoende” voor Dit volgt uit rapportage Voldoende
uitvoering WOZ in 2016 (meting Landelijke Waarderingskamer). kwaliteitscontrole van de Waarderingskamer.
Bron: Landelijke Waarderingskamer
72 Voor eind oktober van elk jaar alle Bij bedrijfspanden worden 76,0%
bezwaarschriften WOZ afronden. gemachtigden eerst gehoord tijdens een hoorzitting.
Bron: Gemeente
73 Het aantal bezwaarschriften WOZ In %. 1,9%
onder het jaarlijkse landelijke Aantal bezwaarschriften. 487
percentage houden.
Bron: Gemeente
74 Gemiddelde WOZ. In euro's 213.000
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
75 Demografische druk. De som van het aantal personen van 80,9%
0 tot 15 jaar en 65 jaar en ouder in verhouding tot de personen van 15 tot 65 jaar. In %.
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
76 Nieuw gebouwde woningen. Aantal per 1.000 woningen.
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
77 Formatie in fte per 1.000 inwoners. Fte per 1.000 inwoners. 6,4
Bron: BAR-organisatie
78 Bezetting in fte per 1.000 inwoners. Fte per 1.000 inwoners. 6,3
Bron: BAR-organisatie
Overige prestatie-indicatoren
Nr. Omschrijving Toelichting/Eenheid 2019
79 Woonlasten vergelijking met omliggende gemeenten. Zie paragraaf Lokale heffingen begroting en jaarstukken.
Bron: COELO
80 Apparaatskosten per inwoner. In euro 's. 560,00
Bron: BAR-organisatie
81 Externe inhuur (kosten per inwoner). Kosten als % van totale loonsom + 1,2%
totale kosten.
Bron: BAR-organisatie
82 Overhead (%). % van totale lasten. 43,4%
Bron: BAR-organisatie
* Met ingang van 2018 zijn de prestatie-indicatoren ook verplicht voor gemeenschappelijke regelingen. Omdat de bedrijfsvoering in de BAR-organisatie is
ondergebracht, worden de prestatie-indicatoren voor bedrijfsvoering in de P&C-documenten van de BAR-organisatie opgenomen.