Uitgaven

34,79%

€ 62.815.801,00

34,79% Complete

Inkomsten

69,7%

€ 125.912.300,00

69,7% Complete

Saldo

73061,33%

€ 63.096.499,00

Niet in de programma 's opgenomen lasten en baten

Uitgaven

34,79%

€ 62.815.801,00

34,79% Complete

Inkomsten

69,7%

€ 125.912.300,00

69,7% Complete

Saldo

73061,33%

€ 63.096.499,00

Niet in de programma 's opgenomen lasten en baten

Exploitatie Begroting 2020 na wijziging Begroting 2021 (K2021) Begroting 2022 (K2021) Begroting 2023 (K2021) Begroting 2024 (K2021)
Lasten
0.4:Overhead -15.038.400,00 -14.189.100,00 -14.408.500,00 -14.258.700,00 -14.787.200,00
0.5:Treasury -429.501,00 -384.200,00 39.900,00 461.500,00 769.800,00
0.61:OZB woningen -427.200,00 -283.500,00 -282.500,00 -282.900,00 -282.900,00
0.62:OZB niet-woningen -239.900,00 -142.600,00 -142.000,00 -142.200,00 -142.200,00
0.64:Belastingen overig -93.500,00 -93.500,00 -93.500,00 -93.500,00 -93.500,00
0.7:Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0.8:Overige baten en lasten -181.700,00 55.000,00 55.000,00 55.000,00 55.000,00
0.9:Vennootschapsbelasting (VpB) -351.900,00 -252.500,00 -36.500,00 -36.500,00 -36.500,00
Totaal Lasten -16.762.101,00 -15.290.400,00 -14.868.100,00 -14.297.300,00 -14.517.500,00
Baten
0.4:Overhead 542.600,00 517.200,00 517.200,00 503.600,00 503.600,00
0.5:Treasury 47.550.100,00 530.000,00 517.100,00 542.200,00 539.900,00
0.61:OZB woningen 5.917.800,00 6.015.000,00 5.920.800,00 6.564.300,00 6.639.100,00
0.62:OZB niet-woningen 4.293.400,00 5.627.600,00 5.722.700,00 5.981.100,00 6.239.400,00
0.63:Parkeerbelasting 407.200,00 407.200,00 407.200,00 407.200,00 407.200,00
0.64:Belastingen overig 176.100,00 146.100,00 81.400,00 81.400,00 81.400,00
0.7:Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 66.328.600,00 68.995.000,00 69.990.000,00 70.327.000,00 70.921.000,00
0.8:Overige baten en lasten 135.500,00 3.800,00 3.800,00 3.800,00 3.800,00
Totaal Baten 125.351.300,00 82.241.900,00 83.160.200,00 84.410.600,00 85.335.400,00
Saldo - Lasten en baten 108.589.199,00 66.951.500,00 68.292.100,00 70.113.300,00 70.817.900,00
Onttrekkingen
0.10:Mutaties reserves 561.000,00 31.376.500,00 2.522.500,00 2.324.600,00 2.126.700,00
Totaal Onttrekkingen 561.000,00 31.376.500,00 2.522.500,00 2.324.600,00 2.126.700,00
Stortingen
0.10:Mutaties reserves -46.053.700,00 -29.440.100,00 0,00 0,00 0,00
Totaal Stortingen -46.053.700,00 -29.440.100,00 0,00 0,00 0,00
Saldo - Reserves -45.492.700,00 1.936.400,00 2.522.500,00 2.324.600,00 2.126.700,00

Toelichting

Overhead

BAR-overhead
Een voordeel op de lasten ontstaat omdat incidentele overheadlasten 2020 in de BAR-bijdrage wegvallen. Een nadeel ontstaat door toename van BAR-overhead vanaf 2021 door inflatie, accountantskosten, toename opleidingsbudget, kosten van een klachtencoördinator, nieuw beleid Kadernota inz. GIDS en inwerkingtreding Omgevingswet, camerahandhaving urgente locaties vrachtwagenparkeren (Kadernota 2021, collegeprogramma) en incidenteel budget voor tijdelijke formatie uitvoering VTH- taken WABO. Vanwege het uitstel van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging (Wkb) zal de benodigde capaciteit van de teams omgevingsvergunningen en toezicht en juridische handhaving in 2021 niet structureel wijzigen. Om de VTH-taken goed te kunnen uitvoeren is het essentieel de tijdelijke formatie ook in 2021 op peil te houden.

Kosten van voormalig personeel
Als structurele bezuiniging ingevolge de Kadernota 2021 kan, omdat er geen WW-lasten of WIA-uitkeringen voor voormalig personeel meer worden verwacht, het budget hiervoor structureel worden afgeraamd.

Doorbelasting huisvestingskosten
Een lagere toerekening van huisvestingskosten geeft in 2021, ten opzichte van 2020, een voordeel te zien.
Ten opzichte van 2021 nemen meerjarig de huisvestingskosten toe. Dit als gevolg van fluctuaties in het groot onderhoud over de jaren.

Treasury

De verschillen in de lasten worden veroorzaakt door het afstemmen van de rentelasten van onze leningenportefeuille.

Onvoorzien

Conform wat is aangegeven in het dekkingsplan bij de Kadernota 2021 is het budget voor onvoorziene uitgaven gehalveerd.

Overige baten en lasten

Vanaf 2021 zijn structurele lasten geraamd in het kader van de Wet Private KwaliteitsBorging (WPKB)
In de meerjarenbegroting is rekening gehouden met aframing van een voordelige stelpost onderuitputting kapitaallasten.
In 2020 zijn in de eerste tussenrapportage incidentele lasten en baten geraamd inzake de overeenkomst met OZHW met betrekking tot 3Primair en nieuwbouw De Reijer.

Vennootschapsbelasting

Een voordeel op de lasten in 2021 wordt verklaard door het feit dat in 2021 de raming voor vennootschapsbelasting op grondexploitaties lager is dan in 2020. Vanaf 2022 wordt er vooralsnog geen rekening gehouden met vennootschapsbelasting over grondexploitaties. Dit verklaart het voordeel vanaf dat jaar.

Treasury/dividenden (b)

Het dividend van Eneco en Stedin is ten opzichte van 2020 gedaald. Dit komt grotendeels door het bij de Kadernota 2021 aframen van het dividend Eneco door de verkoop van de aandelen en aframen van het dividend Stedin door winstwaarschuwing.

Treasury (b)

In 2020 is de incidentele opbrengst geraamd van de verkoop van aandelen Eneco.

OZB woningen (b)

De meerjarenraming is gebaseerd op de geschatte waardeontwikkeling van de woningen en de areaaluitbreiding (nieuwbouw en sloop) op basis van de woningbouwprognoses maart 2020.

OZB niet woningen (b)

De meerjarenraming 2021 is gebaseerd op de geschatte waardeontwikkeling van de niet-woningen en de areaaluitbreiding door nieuwbouw in Nieuw Reijerwaard en Cornelisland.

Per saldo is de trend dat er extra opbrengsten uit OZB woningen en niet-woningen worden gerealiseerd.

Algemene uitkering (b)

De meicirculaire 2020 betekent dat er de komende jaren een hogere algemene uitkering wordt voorzien tot en met 2022.
De gevolgen van de herijking van het gemeentefonds per 2022 zijn niet verwerkt in deze meicirculaire, maar doorgeschoven naar de decembercirculaire 2020. Zie voor een verdere toelichting de raadsinformatiebrief meicirculaire gemeentefonds van 23 juni 2020.

Overige baten en lasten (b)

In 2020 zijn in de eerste tussenrapportage incidentele lasten en baten geraamd inzake de overeenkomst met OZHW met betrekking tot 3Primair en nieuwbouw De Reijer.

Overige prestatie-indicatoren

Nr. Omschrijving Toelichting/Eenheid Waarde
77 Demografische druk. In %. 80,9%
De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.
Bron: Waarstaatjegemeente.nl
78 Formatie. Fte per 1.000 inwoners. 6,4
Bron: BAR-organisatie
79 Bezetting. Fte per 1.000 inwoners. 6,3
Bron: BAR-organisatie
80 Apparaatskosten. In euro 's. 616,00 (2020)
Bron: BAR-organisatie Kosten per inwoner.
81 Externe inhuur. Kosten als % van totale loonsom + totale kosten 1,0% (2020)
Bron: BAR-organisatie inhuur externen.
82 Overhead. % van totale lasten. 49,0% (2020)
Bron: BAR-organisatie