Paragraaf 1 Lokale heffingen

Inleiding Lokale heffingen

Terug naar navigatie - Inleiding

In deze paragraaf staat informatie over het gevoerde beleid en de opbrengsten van de gemeentelijke belastingen en heffingen. Lokale heffingen zijn te verdelen in heffingen waarvan de besteding gebonden of ongebonden is. De gebonden heffingen worden besteed aan een aanwijsbare taak zoals de afvalstoffenheffing, rioolbelasting, leges, begraafrechten, markt- en kadegelden. Deze heffingen worden daarom niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Ongebonden lokale heffingen zoals de onroerendezaakbelastingen (OZB) en parkeerbelasting worden wel tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. De besteding van deze heffingen is niet gebonden aan een bepaalde taak.

Uitgangspunten begroting 2023

Terug naar navigatie - Uitgangspunten begroting 2023

In de Belastingnota 2020 zijn de uitgangspunten vastgelegd voor de heffing en inning van gemeentelijke belastingen, overige heffingen en het tarievenbeleid.

Voor de OZB-tarieven geldt in het begrotingsjaar 2023 dat het niet meer dan trendmatig zullen stijgen (inflatiecorrectie). De zogenoemde inflatiecorrectie voor 2023 ten opzichte van 2022 is 2,2%. De gebonden heffingen (Afvalstoffenheffing, Rioolheffing, Lijkbezorgingsrechten, Marktgelden en Leges) mogen wettelijk maximaal 100% kostendekkend zijn, inclusief toe te rekenen compensabele btw, mutaties in voorzieningen en reserves en toe te rekenen kosten voor overhead.

Verder in deze paragraaf onder lokale lastendruk wordt de ontwikkeling van de woonlasten en de tarieven in 2023 ten opzichte van 2022 weergegeven en beschreven.

Met ingang van 2023 is het Samenwerkingsverband Vastgoed Heffing en Waardebepaling (SVHW) belast met de uitvoering van de heffing en inning van gemeentelijke belastingen, de jaarlijkse herwaardering van alle onroerende zaken volgens de Wet WOZ en de behandeling van verzoeken voor kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. De kosten voor de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen is buiten de tarievenberekening gehouden.

Overzicht geraamde en gerealiseerde opbrengsten belastingen en lokale heffingen

Ongebonden heffingen

Terug naar navigatie - Ongebonden heffingen

Ongebonden heffingen zijn inkomsten voor de gemeente waar geen bestedingsdoel aan gekoppeld is. De ontvangen belastinggelden worden toegevoegd aan de algemene middelen van de gemeente, waarna de raad kan beslissen waaraan het geld besteed wordt.

Het overzicht van de geraamde en de gerealiseerde opbrengsten van de ongebonden heffingen ziet er als volgt uit. Bij een onder- of overschrijding van meer dan € 25.000 wordt er een toelichting gegeven.

Ongebonden heffingen Progr. Begroting 2023 Begroting 2023 na wijziging Realisatie 2023 Verschil
Financiering en algemene dekkingsmiddelen
Onroerendezaakbelasting buiten 12.694.000 12.995.000 13.469.361 474.361
Baatbelasting buiten 1.300 1.300 1.946 646
Straatparkeren/parkeerboetes buiten 407.200 357.200 333.899 -23.302

Toelichtingen ongebonden heffingen

Onroerendezaakbelasting
De definitieve totale WOZ-waarde van de niet-woningen blijkt hoger te zijn dan waarvan aanvankelijk bij de begroting is uitgegaan. Het voorgaande leidt tot een incidentele extra OZB-opbrengst niet-woningen.

Gebonden heffingen

Terug naar navigatie - Gebonden heffingen

Gebonden heffingen zijn inkomsten voor een gemeente waar een besteding gerelateerd is aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Deze inkomsten worden dan ook niet toegerekend aan de algemene dekkingsmiddelen.

De geraamde en de gerealiseerde opbrengsten van de gebonden heffingen zien er als volgt uit. Een onder- of overschrijding van meer dan € 25.000 wordt toegelicht.

Gebonden heffingen Progr. Begroting 2023 Begroting 2023 na wijziging Realisatie 2023 Verschil
Bestuur en (overheids)participatie
Leges Burgerzaken 1 510.100 510.100 608.193 98.093
Veiligheid
Leges WABO-vergunningen/APV 2 1.191.600 2.216.000 2.822.389 606.389
Economische zaken
Marktgelden 4 33.500 33.500 40.929 7.429
Gezondheid en duurzaamheid
Afvalstoffenheffing 8 7.442.000 7.287.100 7.303.562 16.462
Rioolheffing 8 4.997.100 4.947.000 4.896.863 -50.137
Ruimtelijke ontwikkeling, wonen en maatschappelijk vastgoed
Lijkbezorgingsrechten 9 795.400 795.400 827.424 32.024

Toelichtingen gebonden heffingen

Leges Burgerzaken
Het aantal aangevraagde reisdocumenten en rijbewijzen is hoger dan oorspronkelijk begroot. Hierdoor zijn de inkomsten op gemeenteleges hoger, maar ook de rijksafdracht leges. Dit resulteert in een positief eindsaldo. Aan de hand van het VNG-model verlopen reisdocumenten en een prognose van het RDW worden de aantallen begroot. Een hoger aantal hierop kan diverse oorzaken hebben, bijvoorbeeld het weer vrij kunnen reizen na de coronaperiode en de Brexit waardoor inwoners alleen nog met een paspoort naar Engeland kunnen en niet meer op een identiteitskaart.

Leges WABO-vergunningen/APV
Door prijsstijging vielen de geraamde bouwkosten hoger uit dan de oorspronkelijke ramingen. Daarnaast zijn een aantal projecten en vrije kavelwoningen eind 2023 ingediend, zodat zij onder oude regelgeving worden behandeld. Dit was eerder dan verwacht. Deze factoren hebben geleid tot een incidentele extra opbrengsten uit leges omgevingsvergunningen.

Rioolheffing
Er zijn in 2023 minder eenheden voor groot waterverbruik niet-woningen in de rioolheffing betrokken dan waarvan bij de raming is uitgegaan. Dit heeft geleid tot minder opbrengst van rioolheffing niet-woningen.

Lijkbezorgingsrechten
Meer uitvaarten en uitgiftes van een groter aantal onbepaalde tijd graven leveren een hogere opbrengst van grafrechten en afkoopsommen onderhoud graven op.

Kostendekkendheid

Terug naar navigatie - Kostendekkendheid
Kostendekkendheid gebonden heffingen Baten Lasten Dekking in %
Leges Burgerzaken 608.193 -801.416 76%
Leges WABO-vergunningen/APV 2.822.389 -2.411.780 117%
Marktgelden 40.929 -38.592 106%
Afvalstoffenheffing 7.303.562 -7.302.293 100%
Rioolheffing 4.896.863 -4.896.863 100%
Lijkbezorgingsrechten 827.424 -1.165.700 71%

Kwijtscheldingsbeleid

Kwijtschelding

Terug naar navigatie - Kwijtschelding

Het komt voor dat een belastingplichtige niet, of slechts deels, de aanslag kan betalen. Onder wettelijk vastgestelde voorwaarden kan deze belastingschuldige kwijtschelding krijgen voor de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de onroerendezaakbelastingen. Het indienen en de behandeling van kwijtscheldingen gaat via het SVHW.

In onderstaand overzicht is een vergelijking gemaakt tussen de geraamde en de daadwerkelijk toegekende kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.

Kwijtschelding lokale heffingen Begroting 2023 Begroting 2023 na wijziging Realisatie 2023 Verschil
Onroerend zaakbelasting -2.600 -2.600 -1.008 1.592
Afvalstoffenheffing -154.800 -254.800 -279.005 -24.205
Rioolheffing -50.100 -75.100 -92.081 -16.981

Aantallen

Terug naar navigatie - Aantallen
Jaar Verzoeken Toegewezen Percentage
2019 1.120 866 77%
2020 1.218 966 79%
2021 1.421 1.001 70%
2022 1.425 991 70%
2023 1.597 1.269 79%

Toelichting verzoeken kwijtschelding

Terug naar navigatie - Toelichting verzoeken kwijtschelding

Het aantal ingediende verzoeken is ten opzichte van 2022 gestegen. Het percentage toegekende kwijtscheldingsverzoeken is ook gestegen van 70% tot het niveau van 2020 (79%). De toename van het aantal kwijtscheldingsverzoeken in 2023 lijkt een landelijke trend te zijn. Mogelijke oorzaak voor de toename van het aantal kwijtscheldingsverzoeken is de energiecrisis in 2023 die negatieve impact heeft gehad op de financiële situatie van vele huishoudens.

Lokale lastendruk

Terug naar navigatie - Lokale lastendruk

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo) van de Rijksuniversiteit van Groningen brengt jaarlijks het niveau en de ontwikkeling van de lokale lasten in beeld. Bij het vergelijken van de woonlasten wordt er onder andere gekeken naar de OZB, afvalstoffenheffing en rioolbelasting. Het Coelo brengt hierover jaarlijks de ‘Atlas van lokale lasten’ uit, met daarin informatie over alle gemeenten in Nederland.

Woonlasten Ridderkerk 2023
De gemeentelijke woonlasten bestaan uit de onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De tarief- en woonlastenontwikkeling van de verschillende huishoudens worden in de tabellen weergegeven.

Heffing eigenaar-bewoner Tariefontwikkeling Woonlasten Woonlasten percentage t.o.v. vorig jaar
Onroerendezaakbelasting woningen -7,9% 336 2,4%
Rioolheffing 11,3% 206 11,0%
Afvalstoffenheffing eenpersoons* 11,7% 279 11,7%
Afvalstoffenheffing tweepersoons n.v.t. 375 n.v.t.
Afvalstoffenheffing meerpersoons* 6,5% 387 6,5%
Totale gemeentelijke lasten eenpersoonshuishouden 822 7,6%
Totale gemeentelijke lasten tweepersoonshuishouden 917 n.v.t.
Totale gemeentelijke lasten meerpersoonshuishouden 929 5,9%
* In deze vergelijking zijn de gemiddelde variabele tarieven van 2022 meegenomen.
Heffing huurder-bewoner Tariefontwikkeling Woonlasten Woonlasten percentage t.o.v. vorig jaar
Rioolheffing 11,3% 103 11,0%
Afvalstoffenheffing eenpersoons 11,7% 279 11,7%
Afvalstoffenheffing tweepersoons n.v.t. 375 n.v.t.
Afvalstoffenheffing meerpersoons 6,5% 387 6,5%
Totale gemeentelijke lasten eenpersoonshuishouden 383 11,1%
Totale gemeentelijke lasten tweepersoonshuishouden 478 n.v.t.
Totale gemeentelijke lasten meerpersoonshuishouden 490 6,6%

Woonlasten vergelijking omliggende gemeenten en landelijk

In deze jaarrekening is tevens een vergelijking gemaakt tussen de lokale lastendruk van de gemeente Ridderkerk met die van omliggende gemeenten en een vergelijking met gemeenten met de laagste en de hoogste woonlasten.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende situaties:

A. Woonlasten van huishoudens met een koopwoning (eigenaar-bewoner)

  • Eenpersoonshuishouden en meerpersoonshuishouden met een koopwoning

B. Woonlasten van huishoudens met een huurwoning (huurder-bewoner)

  • Eenpersoonshuishouden en meerpersoonshuishouden met een huurwoning

De geselecteerde gemeenten zijn bedoeld om een beeld te geven van:

  • woonlasten van Ridderkerk in vergelijking met die van de aangrenzende gemeenten en;
  • vergelijking met woonlasten in de goedkoopste en duurste gemeenten in het land.

Grafiek A. Woonlasten van huishoudens met een koopwoning (eigenaar-bewoner)

Grafiek lokaal Eigenaar-Bewoner

Grafiek B. Woonlasten van huishoudens met een huurwoning (huurder-bewoner)

Grafiek lokaal Huurder-Bewoner

Toelichting vergelijking woonlasten buurgemeenten

Een vergelijking met de woonlasten van de omliggende gemeenten in 2023 laat in het Coelo rapport het volgende beeld zien:

  • De woonlasten van woningeigenaren in Ridderkerk zijn lager dan de het landelijk gemiddelde woonlasten. Eenpersoonshuishoudens betalen de laagste woonlasten in Barendrecht en meerpersoonshuishoudens kennen de laagste woonlasten in Dordrecht.
  • De woonlasten van huurders in Ridderkerk zijn hoger dan het landelijk gemiddelde woonlasten; Eenpersoonshuishoudens die huurder zijn, betalen de laagste woonlasten in Barendrecht. Meerpersoonshuishoudens kennen de laagste woonlasten in Dordrecht.

Landelijke woonlastenvergelijking
In de vergelijking die hierna volgt zijn ter vergelijking de gemeenten Aalten en Nijmegen opgenomen als de gemeenten met de laagste woonlasten en de gemeenten Bloemendaal en West Betuwe met de hoogste woonlasten. Woningeigenaren hebben de laagste woonlasten in Aalten. Huurders in Nijmegen hebben de laagste woonlasten. Hoogste woonlasten hebben huishoudens met eigen woning in de gemeente Bloemendaal en huurders in de gemeente West Betuwe betalen de meeste woonlasten.
De volgende grafieken laten dit zien.

Grafiek A. Woonlasten van huishoudens met een koopwoning (eigenaar-bewoner)

Grafiek landelijk Eigenaar-Bewoner

Grafiek B. Woonlasten van huishoudens met een huurwoning (huurder-bewoner)

Grafiek landelijk Huurder-Bewoner

Landelijk neemt Ridderkerk met woonlasten van € 929 een positie in van de 166e plaats als het gaat om een gezinshuishouden dat eigenaar-bewoner is. Ter vergelijking: Aalten staat op de 1e plaats met de laagste woonlasten van € 652 en Bloemendaal op de 352e plek met € 1.874 aan woonlasten. Gaat het om een gezinshuishouden dat huurder-bewoner is, dan staat Ridderkerk met woonlasten van € 490 op plaats 226e. Ter vergelijking: Nijmegen staat op de 1e plaats met de laagste woonlasten van € 35 en West Betuwe op de 352e plek met de hoogste woonlasten van € 750.

Een huishouden met een huurwoning in Ridderkerk betaalt in 2023 aan woonlasten boven het landelijk gemiddelde aan woonlasten. Een huishouden met een koopwoning betaalt minder dan de landelijk gemiddelde woonlasten. Dit blijkt uit het overzicht hieronder:

Categorie Ridderkerk Landelijk gemiddeld
Eénpersoonshuishouden met een huurwoning 383 346
Meerpersoonshuishouden met een huurwoning 490 436
Eénpersoonshuishouden met een koopwoning 822 867
Meerpersoonshuishouden met een koopwoning 929 944